En toen was er bier….
Plots kreeg ik het idee dat ik zelf bier moest gaan brouwen.
Niet echt helemaal brouwen. Gewoon uit een beginnerspakket.
Brij in ton. Water en suiker erbij. Gisten maar.
Flesjes scoren.
Naam bedenken.
Etiket ontwerpen.
”The whole deal”
Flesjes steriliseren.
Bottelen. (Het bier in de flesjes doen). Kroonkurkjes op de flesjes doen.
Pleister op vinger. Gebroken flesje veilig afvoeren.
Potentiële klanten voorbereiden op de komst van een bier wat ze geproefd moeten hebben.
De meningen hierover zijn later enigszins verdeeld.
In elk geval had ik clientele genoeg.
En dan zelf, de eerste slok.
Tja. Niet vies. Leuk voor een amateurbiertje.
Gelukkig heb ik mijn baan niet opgezegd.
Toch slaat het boven verwachting aan en de vraag overtreft mijn stoutste verwachting.
En het aanbod.
Dus doorbrouwen.
Al snel is Tukkels Puppybier een bekend en gewild verschijnsel.
En dan… RABIES ! Het ultieme Puppybiertje.
Al snel gevolgd door een tweede zending. ( Het heerst weer…)
Voor zo’n kleine brouwerij was dit succes niet te overtreffen.
Het is nog gevolg door Roofkip. ( The Eagle has landed,…. Again! )
En zo eindige een mooi merk.
Tukkels Puppybier
Tukkels Puppybier Rabies
Tukkels Puppybier Roofkip
Ik heb nog geprobeerd om bij dit prachtig bier een passend kaasje te maken.
Ik bespaar u de details en de teleurstelling.
De smaak was niet echt verkeerd maar de kaas was harder dan een biljartbal.
Culinaire fossielen van Nederlandse bodem.
Blijven vele eeuwen goed bewaard mits geconserveerd in de polderklei.
Eeuwen later zo’n archeoloog met schepje en stoffertje: “Puppybier?”
Liefs,
Dirk.
Note: Dit blogje is lang geleden gestart. (Oktober 2018)
Door mijn radiostilte lang op de virtuele plank blijven liggen.
Bij deze alsnog.
X